Op jonge leeftijd specialiseren is (meestal) ongewenst

Ouders en coaches moeten terughoudend zijn bij het aanmoedigen van jonge sporters om zich vroeg te specialiseren in hun sport, uitzonderingen als turnen daargelaten. Vroeg specialiseren is namelijk een risicofactor voor het ontstaan van zowel fysieke als psychosociale problemen. Kinderen zouden zich daarentegen juist spelenderwijs breed moeten ontwikkelen op het fysieke en mentale vlak.

USAG-Humphreys

Vroeg of laat specialiseren

In de afgelopen decennia lijkt een trend te zijn ontstaan: kinderen specialiseren zich op steeds jongere leeftijd in hun (doel)sport. Deze trend is mede ingegeven door het bekende 10.000-uren-model van de Zweedse psycholoog Anders Ericsson. Ericsson stelt dat 10.000 uur doelbewuste training (“deliberate practice”) noodzakelijk is om de absolute top te bereiken binnen een bepaald domein. Laat specialiseren, ook wel diversificatie genoemd, zou tot een onoverbrugbare achterstand leiden in het aantal doelbewuste trainingsuren. Inmiddels zijn er meerdere kritische kanttekeningen geplaatst bij het model van Ericsson, zoals hier te lezen valt. Amerikaanse onderzoekers zijn op basis van een literatuurstudie nagegaan in hoeverre vroeg specialiseren noodzakelijk is voor succes in de sport. Tevens bespreken ze de mogelijke risico’s en nadelen van vroeg specialiseren en stellen ze alternatieve oplossingen voor.

 

Vroeg specialiseren en succes in de sport

Vroeg specialiseren is geen noodzaak voor succes in de sport, sporten als turnen en kunstschaatsen uitgezonderd. Uit een studie bij 1500 Duitse topsporters blijkt dat degenen die de absolute top behaalden, zich gemiddeld op een latere leeftijd specialiseerden en ook tot op een latere leeftijd meerdere sporten tegelijkertijd beoefenden.

 

Risico’s en nadelen van vroeg specialiseren

Kinderen die op jonge leeftijd gespecialiseerd trainen hebben een grotere kans om geblesseerd te raken dan hun leeftijdsgenoten die zich (nog) niet specialiseren. Hierbij geldt dat de kans toeneemt naarmate een kind zich meer specialiseert. De kans op een blessure blijkt bovendien groter te zijn als het kind meer uren per week traint dan de leeftijd van het kind.

Vroeg specialiseren heeft ook risico’s ten aanzien van de psychosociale ontwikkeling van het kind. Zo blijkt dat op jonge leeftijd gespecialiseerd trainen gerelateerd is aan depressieve gevoelens en zelfs aan het vroegtijdig stoppen met de sport (drop-out). Deze klachten zouden mede voortkomen uit de druk die de kinderen ervaren om te moeten presteren.

 

Alternatieve oplossingen

Gelet op de fysieke en de psychosociale risico’s die vroeg specialiseren in de sport met zich meebrengt, komen de auteurs met enkele aanbevelingen. Hierbij stellen zij dat het belangrijk is dat kinderen op een ongestructureerde manier kunnen spelen, ook wel "doelbewust spelen" (“deliberate play”) genoemd. Door het doelbewuste spelen zouden kinderen hun verschillende motorische vaardigheden beter ontwikkelen, hetgeen een preventieve werking heeft ten aanzien van het oplopen van blessures. Daarnaast is het goed om kinderen aan te moedigen om verschillende sporten te beoefenen tijdens hun jeugd. Ook dit zou tot een betere ontwikkeling van de motorische vaardigheden leiden.

 

Tot slot

Hoewel de onderzoekers duidelijk stellen dat vroeg specialiseren in de meeste gevallen ongewenst is, is de kwaliteit van het onderzoek waarop zij dat baseren niet altijd even goed. Dit komt mede doordat het binnen deze thematiek lastig is oorzakelijke verbanden aan te tonen. Daarnaast is het gebruikte onderzoek afkomstig uit landen als Amerika en Australië. In deze landen is sprake van een specifieke sportcultuur waarin sporters op jonge leeftijd een sportbeurs kunnen verdienen. Dit werkt vroeg specialiseren in de hand. Het is dan ook niet duidelijk hoe de resultaten uit deze studies zich laten vertalen naar de Nederlandse situatie. De onderzoekers stellen in ieder geval dat het bij turnen, kunstschaatsen en schoonspringen aan te raden is om vroeg in de adolescentie te specialiseren. Voor teamsporten raden zij aan om halverwege de adolescentie te specialiseren en voor duursporten aan het einde van de adolescentie.

 

P. (Paul) Schermers

Meyer GD, Jayanthi N, DiFiori JP, Faigenbaum AD, Kiefer AW, Logerstedt D, Micheli LJ (2015) Sport specialisation, part 1: Does early sports specialization increase negative outcomes and reduce the opportunity for succes in young athletes? Sports Health, 7(5): 437-424

Meyer GD, Jayanthi N, DiFiori JP, Faigenbaum AD, Kiefer AW, Logerstedt D, Micheli LJ (2015) Sport specialisation, part 2: Alternative solutions to early sport specialization in youth athletes. Sports Health, doi: 10.117/ 1941738115614811

Ga naar overzicht

Twitter Feed

@TopsportTopics Als je niet zelf je eten kunt maken, maar afhankelijk bent van buffet: maak een plan. https://t.co/7gdtXBYg3Q

RT @TopsportTopics: Waarschijnlijk niet minder spierpijn, spierschade of beter herstel in prestatie dankzij rekken na een wedstrijd https:/…

Wat denk jij? Heeft rekken na een sportwedstrijd zin? Volgens onderstaand artikel heeft het weinig zin om na... https://t.co/aI3jYD6iZv

Laat alle tweets zien
Delen:
FacebookTwitter
  • Partners
  • NOC*NSF
  • Vrije Universiteit Amsterdam
  • Kenniscentrum Sport
  • Rijksuniversiteit Groningen